![]() |
--- Bobby Haarms-week --- Woensdag 10 juni 2009 Bobby Haarms als trainer bij Ajax |
![]() |
|
Nadat Bobby Haarms in 1959 zijn actieve voetbalcarrière door een blessure vroegtijdig heeft moeten beëindigen, volgt hij Ajax min of meer als supporter. De spelers waarmee hij samenspeelde tussen de vier lichtmasten van het Ajax-stadion, bezorgen Ajax de ene na de andere prijs: de landstitel in 1960, de Intertoto in 1962 en enkele jaren later ook nog diverse Europa Cups. Gelukkig is niemand de jonge Bobby Haarms vergeten. Als Rinus Michels in 1965 het trainersstokje bij Ajax overneemt van Vic Buckingham, verandert er veel bij Ajax. Twee jaar en twee landstitel later, haalt Michels zijn oud-ploeggenoot weer bij de Amsterdamse club. De 33-jarige Haarms wordt toegevoegd aan de technische staf. 1969 – Rinus Michels Met name de Europa Cup-wedstrijden waren voor Haarms een grote belevenis. ‘Het waren bijzondere Europa Cup-wedstrijden in dat seizoen. Han Grijzenhout, Cor Brom en ik waren de assistenten van Rinus Michels. Alleen, Rinus wilde liever alleen op de bank zitten. Bij de grote en spannende wedstrijden, zoals tegen Benfica, moest er vanaf de zijlijn zoveel geregeld en georganiseerd worden, dat de trainer het niet alleen kan. Daarom kropen we altijd op de bank bij Michels. We deden alles met z'n vieren: Han, Cor, Rinus en ik. En om vijf uur hield onze werkdag bij Ajax niet op. Cor ging dan meestal het tweede elftal trainen, terwijl Hanny en ik de jeugdelftallen verder begeleiden tijdens trainingen. En er moest ook een zaterdagelftal getraind worden. Voor ons ging het Ajax-leven dus gewoon door. Rinus kwam wel altijd kijken bij die trainingen en gaf dan geregeld zijn commentaar erop. 'Ik zou dat zus of zo doen', zei hij dan. Maar altijd alles met z'n vieren.... Cor Brom was in feite de eerste assistent van Michels. Zelf was ik parttime in dienst van Ajax en hield me dus bezig met de amateurs en een deel van de jeugd. ‘ Nadat Cor Brom naar Vitesse vertrokken was, schoof Han Grijzenhout door en kwam ik ook fulltime in dienst van Ajax. Bobby: ‘Han Grijzenhout had hart voor het werk bij de jeugd. Hij had al een paar keer bij het bestuur aangeklopt om de mogelijkheid een extra pupillenlichting aan de jeugdafdeling toe te voegen. Terecht zag hij daar de noodzaak van in. Dat was niet makkelijk hoor. Dat overtuigen bedoel ik. We zullen wel een goede smoes bedacht hebben, want die B-pupillen, met Wil Deegen als leider, kwamen er! Ik zelf trainde vanaf 1967 als parttimer al een rits jeugdelftallen en met de komst van de B-pupillen, zoals dat toen heette, was er dringend behoefte aan een trainer erbij. Dick de Groot is er toen bijgekomen. Nadat Cor Brom later naar Vitesse vertrokken was, schoof Han Grijzenhout door. En vanaf 1969 kwam ik ook fulltime in dienst van Ajax.’ 1971 – Stefan Kovacs Na het eerste Europa Cup-succes in 1971 (winst op Panathinaikos in de finale te Wembley) verlaat Rinus Michels de Amsterdamse club. Hij wordt vervangen door de Roemeen Stefan Kovacs, die in totaal twee seizoenen zou blijven. Ook met Kovacs bouwt Bobby Haarms een bijzondere band op.De inbreng van Bobby was enorm groot, zo erkende de in 1995 overleden Roemeen in zijn memoires Le Football Total. Haarms was niet alleen de loyale assistent en een clubman in hart en nieren, maar zijn visie over het moderne totaalvoetbal, wat wij toen speelden, is ontsproten uit onze lange gesprekken, zo eert Kovács - later bondscoach van Frankrijk en trainer van AS Monaco - zijn voormalige tweede man. Het cadeau dat hij ontving uit de erfenis van Kovács deed de Beul zo veel, dat de tranen over zijn wang biggelden. Kort na het vertrek van Stefan Kovács naar Frankrijk kreeg Haarms een telefoontje van de club Straatsburg, dat op advies van de Roemeen bij Bobby was gekomen om hem een prachtig contract aan te bieden. Ik mocht als tolk de gesprekken met hem voeren en hij hoefde alleen nog maar zijn handtekening te zetten onder een 3-jarig contract, waarin hij zes maal meer ging verdienen dan bij zijn club Ajax. Bobby vroeg een nacht bedenktijd. De volgende morgen belde hij mij op met die rauwe stem en die mooie Amsterdamse tongval. Jochie, zo begon hij, ik denk dat ik het maar niet moet doen. Ik ga mijn club missen en ik wil iedere dag in de Meer zijn. Mijn beslissing staat vast; bel ze even af! 1972 – Horst Blankenburg Zijn rol als assistent-trainer naast Rinus Michels neemt Haarms erg serieus. Hij nam zijn verantwoordelijkheden en was dag en nacht met de club bezig. Naast de trainingen en wedstrijdbegeleiding is Bobby Haarms ook druk bezig met het scouten van nieuwe talenten en dit rapporteren aan trainer Michels. ‘Bij scouten let je vooral op kwaliteit. We gingen elk weekend op stap om wedstrijden te kijken. Als je drie, vier meningen hebt, neem je een beslissing. Zoals bij Horst Blankenburg, moest ik dus naar München, 1860 speelde tegen Mannheim. Dat moest allemaal geheim blijven. Dus ik ga kijken, zie ik die Blankenburg een warming-up maken: zó professioneel, zó geweldig! Ik was met iemand van de commissie en ik zei ‘meteen nemen’, hij moest namelijk vóór 15 december gekocht zijn. Rinus wilde de volgende dag het rapport hebben. Ik zei ‘komt in orde, ik sta om 8.45 uur voor je deur’. Maar toen ging het vliegtuig niet vanwege mist. Maar het rapport moest op tijd bij Michels op het bureau liggen. Hebben we de trein genomen. Dat was een lijdensweg, 10 tot 12 uur waren we er mee bezig. Overstappen, je kent het allemaal wel. Maar Rinus Michels had in ieder geval het rapport van Horst en de beslissing werd meteen genomen, hij werd gekocht. Zo belangrijk is scouting. Het begon al bij de warming-up natuurlijk. Hij speelde geweldig en een dag later was-ie Ajacied. Een week later vroeg hij aan me hoe-ie zich moest voorstellen voordat hij de kleedkamer inging. Ik zei dat die Amsterdammers allemaal eigenwijze klootzakken waren. Liep hij de kleedkamer binnen en zei hij: ‘mannen, ik ben een mof en ik kom bij jullie voetballen’. Nou, toen was het ijs meteen gebroken natuurlijk.’ 1972 – Jan Mulder Jan Mulder werd gehaald onder Michels, in de periode van het glorie-elftal. Dick van Dijk vertrok en Jan kwam voor ´m in de plaats. Er was een strijd gaande tussen de voorzitter van Feyenoord en van Ajax over wie ´m zou strikken. Hij had twee aanbiedingen. Ajax won. Het begon eigenlijk al met het feit dat ie geblesseerd was in België, bij Anderlecht. Daar kwam ie vandaan. Vanaf het begin hadden we zorgen met Jan. We hadden een fysiotherapeut, die was op een gegeven moment elke dag met ´m bezig. Vocht in de knie, altijd maar weer vocht. Het was vreselijk. Dan ging het weer even, tussendoor heeft ie ook af en toe gevoetbald. Soms ging het erg goed, maar even later ging het weer mis. Iedereen ging zich ermee bemoeien. Er waren zelfs supporters die brieven schrijven. ´As je nu zus doet, of zo doet....´. De gekste dingen schreven ze. Bijvoorbeeld dat we de klei, de modder, uit de sloot nabij de trainingsvelden van De Meer moesten trekken en van dat spul een papje moesten maken om Jan z´n knie mee in te smeren. Er zouden geneeskrachtige stoffen in dat spul zitten. Volgens mij hebben we het nog geprobeerd ook. Op een gegeven moment ging het niet meer en is Jan afgekeurd. Goede spits, Jan, hele goede spits. We kenden ´m van z´n tijd bij Anderlecht. Jan Mulder was de luxe bij Anderlecht ook gewend. Hij speelde daar met nummer 14, wij hadden nummer 10 voor hem klaarliggen. Het moest nummer 14 zijn. Op een gegeven moment kwam ie de kleedkamer binnen, zag een shirt liggen. ´Ik wil twee shirts. Eén voor de eerste helft en één voor na de pauze´. Dat was ie gewend bij Anderlecht. Dat feest ging mooi niet door. Jan was vaak met details bezig waar de rest nog nooit bij stil had gestaan. Leuke vent. Waarom Jan niet eerder door Ajax is gehaald? Het was niet nodig. Er was genoeg in de selectie aanwezig. Tot Dick van Dijk vertrok. Met Jan, Sjaak en Pietje hadden we een prachtvoorhoede gehad. Johan erachter, maar die ging ook weg. Nees, Arie Haan, Gerrie Muhren, niet te vergeten. Krol, rechtsbenige linksback. Suurbier rechts. Tsja. Had een mooi elftal geweest. Maar Jan heeft dus helaas weinig gespeeld.’ 1973 - George Knobel Met het vertrek van Stefan Kovacs bij Ajax, moet Ajax op zoek naar een geschikte opvolger. George Knobel, voorheen trainer van vv Baronie en MVV, neemt het stokje in de zomer van 1973 over. Knobel wordt verrast door het vertrek van sterspeler Johan Cruijff, die Ajax verruilt voor FC Barcelona. Het seizoen 1973/1974 wordt een teleurstellend seizoen voor Ajax. Bobby Haarms over de periode met George Knobel: ‘Het is toch onvoorstelbaar wat voor taak hij kreeg in 1973. Hij neemt het over van een fantastische trainer, Stefan Kovacs. Ajax speelde al jaren in dezelfde formatie, met dezelfde spelers, en dan komt George Knobel ineens voor de groep te staan. Ga er maar eens aanstaan Eerst ging Johan naar Barcelona, daarna Nees naar Barcelona. Dat was een aderlating waar Knobel het erg moeilijk mee had. Ten tijde van Michels en Kovacs hadden we een selectie van 16 man, en die hadden vrijwel alle jaren samen in het Ajax-team gespeeld. In een artikel in Vrij Nederland had ie gezegd: ‘Ajax gaat stuk aan drank en vrouwen’. De laatste drie maanden heb ik het van Knobel overgenomen. We hebben toen de UEFA Cup-plaats gehaald. Overnemen was redelijk goed te doen. De spelers kenden me al jaren en wisten precies wat ze aan me hadden. Dat ging dus redelijk goed. George Knobel is een echte moordvent hoor Knobel kwam uit Maastricht en dan is het toch een grote overgang naar de Europese kampioen Ajax. In Limburg zijn ze toch iets rustiger. Voor elke hoofdtrainer geldt dat het een eer is als ze een contract tekenen als trainer van Ajax. Ze gaan dan lekker met vrouw en kinderen uit eten en voelen zich dichtbij Onze Lieve Heer. Maar de dag erna dan moet je als coach bij Ajax werken, en dan zit je in de Hel. Zo is Ajax. Je moet als trainer van Ajax beseffen dat je voortdurend op een vulkaan zit.’ 1975 – Café Bobby Haarms aan de Utrechtse straat Het café aan de Utrechtse straat. Prachtige tijden waren dat. Veel feest ook. Na de wedstrijden, bij kampioenschappen. We hadden boven van die ramen die je naar boven schoof, zodat je de hele straat kon inkijken. Als er wat te vieren was, dan had je een mooie plek om de menigte te overzien. Stonden we een saffie te roken. Dan stonden er duizenden mensen in de straat, taxichauffeurs toeterden van blijdschap. Geen rottigheid, geweldig. Waarom we het café zijn begonnen? Dat komt zo. Ik leerde mijn vrouw kennen in 1969, ze was toen beheerder van VVGA. Ze was echt een horecadame. Toen het in de goede jaren zo druk werd na de wedstrijden, stond het vol met volk. Iedereen nam een slok, er werden liedjes gezongen. Mijn vrouw wist dat wel te versieren. Ook veel kroeghouders liepen er dan rond en die zagen dat het goed liep. Op een gegeven moment vertelden de toenmalige eigenaren van het café aan de Utrechtse straat dat ze er mee zouden uitscheien. Ze vroegen aan mijn vrouw en mij of het niks voor ons was. Tegen makelaar Caransa vertelden ze dat er maar twee mensen waren aan wie ze het gunden: Til en Bob. Dat hebben we toen gedaan. Mijn vrouw was er de meeste tijd, ik zelf minder. Ik was niet geschikt voor dat barwerk. Wel na wedstrijden natuurlijk, vooral in de straat. De spelers komen ook regelmatig. We hebben hier bijvoorbeeld het afscheid van Wim Suurbier naar Schalke gehad. 1976 - Tomislav Ivic Uit het rijtje trainers heeft Bobby altijd warme herinneringen overgehouden aan de twee seizoenen met Tomislav Ivic (1976-1978). ‘Het mooie was bij Ivic; hij sprak Engels en gebrekkig Nederlands, terwijl het bij mij andersom was. Maar bij alle buitenlandse trainers was het erg opvallend, dat we elkaar door bewegingen met handen en voeten goed begrepen, ook al waren we dezelfde taal niet machtig. We spraken wel eens af om elkaar te bellen en dan met elkaar te communiceren. Dan hadden we niks aan onze handen en voeten. Het was een goede poging, maar met handen en voeten konden we toch het beste duidelijk maken wat we wilden. Ivic had geen rijbewijs. Hij wilde wel graag oefenen. Ik had een Datsun en Ivic vroeg dan of ie een stukkie mocht rijden op het terrein rondom ‘De Meer’. Dat was afgesloten van de rest van het terrein. Het begon bij 1 keer in de week, en voor ik er erg in had was het een dagelijks gebeuren. Hij ging dan inparkeren tussen die stenen dingen bij het stadion. De momenten met Ivic waren erg bijzonder. We hebben echt alles met elkaar gedaan, behalve met elkaar geslapen.’ 1977 - Simon Tahamata Simon was nogal bescheiden en ik ben in feite zijn tweede vader geworden. Ik was assistent van Ivic in het seizoen dat hij zijn debuut maakte. Op een gegeven moment liet Ivic hem tien minuten met het eerste elftal meedoen, zodat hij kon proeven. Later werd dat een half uur voor Simon. Maar er was een klein probleempje: Simon was zo klein en erg mager... Dus ik ben op een gegeven moment naar dokter Rolink gegaan en gezegd: Kun je daar niet iets aan doen? Ik doelde niet op doping, maar gewoon op iets sterks. Rolink zat toen ook in de wielerwereld en wist perfect wat wel kon, en wat niet. Rolink kon wel wat doen, maar reageerde: Ik kan hem niet langer voor je maken, Bob. Of ik moet hem met gewichten aan zijn voeten aan een rekstok hangen. Na enige tijd kwam Rolink terug op mijn verzoek. Simon speelde fantastisch in het C-team, met weergaloze dribbels binnendoor en buitenom. Rolink zei: ‘Okee Bob, we gaan er iets aan doen.’ Zo ging ik elke dinsdagmiddag met Frankie Arnesen in de auto naar Velsen-Noord om preparaten te halen waardoor je sterkere spieren zou krijgen. Geen doping of zo hoor. En dat hebben we enige tijd volgehouden en het effect was bij Simon duidelijk waarneembaar. Frank en Simon kregen dus die preparaten die ervoor zorgden dat er meer eetlust kwam. Tijdens een trainingskamp in Wassenaar gingen we op maandagavond na het eten altijd naar de bioscoop. Maar dan moest iedereen wel het bordje leegeten. Zo ging dat, en het werkte perfect’ Ik geloofde heilig in hem, en Simon ook in mij. Hij kreeg echter niets cadeau van mij. Toen hij werd uitverkoren voor het wereldelftal, mocht ie van mij niet mee. ‘Krijg je nu al kapsones, je blijft lekker hier’, zei ik toen tegen hem. Enige tijd later was die wedstrijd tegen Lilleström’ 1979 – De Denen van Ajax Door de lopen der jaren heen, heeft Bobby Haarms een zwak gekregen voor de Scandinavische spelers van Ajax. In de jaren ’70 en ’80 kwamen achtereenvolgens Sören Lerby, Frank Arnesen, Sten Ziegler, Henning Jensen, Jesper Olsen en Jan Mölby naar Amsterdam. ‘Kijk, die Denen hebben een groot voordeel: ze spreken binnen vijf minuten Nederlands. Of laten we zeggen binnen vijf weken. Ongelooflijk. Met Soren en Frank, die hier als zeventienjarige snotneuzen binnenkwamen met hun meisje, zagen we dat ook al. Die rooie (Lerby, red.) speelde met Ajax 2 al na een week een pot tegen PSV 2. Ik had hem gezegd dat ie de bal moest opeisen. Hij stond koud in het veld of het was raak: “Ikke wille bal hebbe! Ikke wille bal hebbe!”. Geweldig. Zo snel aanpassen. Fantastische jongens.’ ‘Naast dat ik trainer was bij Ajax, was ik ook oppas voor de spelers tijdens interlands. De voorzitter van de Deense voetbalbond noemde me ook wel de Babyoppasser van Ajax. Ja, het was wel nodig ook. Die Denen lustten er toen al eentje, hoor. Ze moesten afgelopen najaar tegen Joegoslavië, toen kwamen ze laat aan met het vliegtuig. Ik zat al in dat hotel te wachten en liet me natuurlijk niet foppen. Toen ze onder bewaking binnenkwamen heb ik ze gelijk de bar ingeduwd. “Bier drinken, jullie!” Zo kreeg ik ze tenminste moe en bleven ze wel netjes in het hotel. Ik heb wat nachten bij de liften en de nooduitgangen rondgehangen. De discipline bleef. Na zo´n interland moeten ze gewoon weer presteren bij Ajax natuurlijk. Zo hield ik dat een beetje strak. Gouden jongens…’ 1980 – La Perche d’Or In 1980 starten Bob en Tilly Haarms een nieuwe restaurant in Amsterdam. Aan het Delflandplein 14 wordt ‘La Perche d’Or’ geopend. Na café Bobby Haarms dus een nieuwe uitdaging voor Bob en zijn vrouw. In het restaurant is het al snel een komen en gaan van Ajax-coryfeeën en menig (kampioens-) feest van Ajax wordt in La Perche d’Or groots gevierd. Enkele jaren later krijgt Bobby Haarms een eigen rubriek in Ajax Life; de gesprekken van Bob met enkele oud-spelers van Ajax vinden allen plaats in La Perche d’Or. Als Bob en Tilly in het voorjaar van 2007 naar Frankrijk verhuizen, wordt La Perche d’Or overgedragen aan de nieuw eigenares. Vanwege tegenvallende interesse sluit La Perche d’Or (symbolisch genoeg) op dezelfde dag dat iedereen afscheid neemt van Bobby Haarms: zaterdag 13 juni 2009. 1981 - Leo Beenhakker en Johan Cruijff Tussen 1979 en 1981 was Leo Beenhakker de trainer van Ajax. Haarms vormde in die periode de rechterhand van Beenhakker en was in november 1980 getuige van een wel heel bijzonder moment. In die periode was Johan Cruijff als adviseur bij Ajax betrokken. Tijdens de wedstrijd Ajax – FC Twente kwam Ajax op een 1-3 achterstand. Cruijff kwam van de tribune en ging in de dug-out tussen Beenhakker en Haarms inzitten. Opvallend genoeg zou Ajax alsnog met 5-3 van FC Twente weten te winnen. Haarms: ‘Het feit dat Johan naast Leo Beenhakker in de dug-out ging zitten na de 1-3, is allemaal opgeblazen door de media. Johan kwam zuiver als Ajacied naar beneden en had geen intentie om Leo te kleineren. Leo zei na de wedstrijd tegen me dat hij het niet erg vond en daarna is er nooit meer over gesproken tussen ons. De spelersgroep vond het ook allemaal niet zo spannend en is daarna gewoon op dezelfde voet met Leo doorgegaan als voor het zogenaamde incident. De media maakte ook opmerkingen over het feit dat Johan met ons meetrainde en in feite bepaalde wat er moest gebeuren, maar dit is onjuist. Johan trainde voor de wedstrijd tegen Twente ook vaak met ons mee als technisch adviseur en bemoeide zich niet met de opstelling enz.” Arnesen had Ajax op voorsprong gezet in deze wedstrijd, maar Twente kwam vervolgens sterk opzetten en maakte binnen vijf minuten drie doelpunten. Ajax maakte vervolgens gelijk in de 72e minuut en trok in de laatste vijf minuten definitief de wedstrijd naar zich toe, 5-3.’ 1982 – Weg bij Ajax April 1982 is een zwarte bladzijde geworden in het leven van Bobby Haarms. In deze maand krijgt Bob van het Ajax-bestuur te horen dat hem niet langer de rol van assistent-trainer geboden kan worden. Aad de Mos en Hassie van Wijk zouden de nieuwe assistenten worden van Kurt Linder, de nieuwe trainer. Na 15 jaar trouwe dienst wordt Bobby Haarms weggepromoveerd binnen de club. Het seizoen erop is hij nog actief als Ajax-scout, maar mist overduidelijk de geur van het gras. Kenmerken voor Haarms is wel, dat hij zich in deze periode ook zeer correct heeft opgesteld. ‘Kijk, ik heb één ding gelukkig goed gedaan. Ik heb niemand beschimpt. Nooit gezegd: ´wat zijn dat voor mafkezen´, of iets in die richting. Die Van Gangelen en Stappenbeld (journalisten, red) en dergelijke die kwamen achter me aan voor een reactie. Daar had ik geen trek in. Ik heb de familie Strikker gebeld, van hotel De Bloemenbeek in De Lutte. Daar ben ik heen gegaan om even rustig aan te doen. Door iedereen werd dat gewaardeerd, ik heb niemand de schuld gegeven. Het is voor mij simpel: het bestuur heeft mij ontslagen, maar Ajax niet. Dat blijft m´n club. Het bestuur vertelde me dat Kurt Linder als hoofdtrainer komt en ze vinden het belangrijk dat hij Aad de Mos het vak gaat leren. Ik ben er kapot van, natuurlijk. Maar het moet blijkbaar zo. Ze hebben me een afscheid aangeboden, maar dat hoeft van mij niet. Daar kan ik niet tegen. De spelers kwamen meteen in opstand, wilden gaan staken. Piet Schrijvers voorop. Ik heb ze gezegd dat ze nog harder moesten knokken voor ons cluppie. Denk aan Ajax, niet aan mij. Het had ook helemaal geen zin.’ 1984 – Volendam Het seizoen 1983/1984 is een leeg voetbalseizoen voor Bobby Haarms. Soms wandelt hij op zondagmiddag door de Kalverstraat en hoort dan op de radio dat Ajax heeft gescoord in Groningen of Alkmaar. Ook al is Bobby door Ajax ontslagen, bij het vernemen van elk goed Ajax-nieuws gaat er een siddering door hem heen. Hij is en blijft Ajacied en de club een warm hart toedragen. In de zomer van 1984 wordt Haarms door Leo Beenhakker benaderd om zijn assistent te worden bij FC Volendam. Bob neemt het aanbod met liefde aan en begint met Beenhakker aan de klus bij zijn nieuwe club. Ondanks de aanwezigheid van Beenhakker en Haarms degradeert FC Volendam toch aan het einde van het seizoen uit de Eredivisie. Zijn opofferingsgezindheid werd niet altijd op juiste waarde geschat. Als compagnon van Barry Hughes bij Volendam, kreeg hij na zijn aanstelling te horen, dat hij niet bij de centrale trainingen aanwezig hoefde te zijn. Nadat hij een keer de honneurs had moeten waarnemen, kwam de Engelsman met een fles whisky naar de Dijk. Haarms: “Hij bedankte me! Daar snapte ik niets van. Ik deed gewoon mijn werk. Hughes betrok me daarna bij alles wat er gebeurde. Hij vertelde me in een eerlijk gesprek een inschattingsfout te hebben gemaakt. 'Ik dacht dat jij zo'n typische arrogante Amsterdammer was', bekende hij. Een verkeerde gedachte; ik heb altijd achter alle hoofdtrainers gestaan en ben niet iemand, die aan poten zaagt.” Na het tweede seizoen bij FC Volendam, waar hij het overigens goed naar de zin heeft, krijgt Bobby Haarms wederom een telefoontje. Ditmaal van Johan Cruijff, de nieuwbakken trainer van Ajax. Cruijff is bezig zijn technische staf samen te stellen en benadert Haarms voor de rol van assistent-trainer. Haarms bedenkt zich geen moment en keert terug naar zijn grote liefde. 1986 – Terug naar Ajax Onder de vleugels van Johan Cruijff begint Bobby Haarms aan zijn tweede periode in de technische staf van Ajax. Samen met Sjaak Wolfs, Pim van Dord en Spitz Kohn is Bobby Haarms het vaste gezicht in en rondom het Ajax-stadion. Net als in zijn eerste technische periode bij Ajax wordt ook de tweede zeer succesvol. In 1987 wint Ajax de Europa Cup voor Bekerwinnaars door het Oost-Duitse Lokomotive Leipzig in Athene met 1-0 te verslaan. Een jaar later verliest Ajax deze finale met dezelfde cijfers van het Belgische KV Mechelen. Terwijl Bobby Haarms de beroemde ‘patatgeneratie’ van Ajax klaarstoomt voor nog grotere successen, verruilt Ajax eerst Johan Cruijff voor Leo Beenhakker. Als in 1991 Louis van Gaal aan het roer komt, gaat Ajax pas echt oogsten buiten de landsgrenzen. De periode 1992-1996 wordt een aaneenschakeling van successen en Bobby Haarms geniet van de pure schoonheid van ‘zijn’ Ajax. De UEFA Cup (1992), de Champions League (1995), de Wereldbeker (1995) en de Europese Supercup (1996) worden door Haarms naar de hemel getild. Op dat moment hebben de nationale titels ogenschijnlijk minder impact. Nederland houdt van Ajax, de Ajacieden sluiten Sjakie Wolfs en Bobby Haarms in hun armen. 1991 – Fanclub voor Bobby Haarms De populariteit van Bobby Haarms kent in deze periode geen grenzen. Niemand praat met meer gevoel en beleving over de Amsterdamse club dan de op dat moment 58 jarige ‘Goede Beul’. Op 23 april 1991, kort na afloop van de wedstrijd Ajax – Sparta (1-0) wordt door onder meer Klaas Vos, Rimko Haanstra en Jaap Stobbe de ‘Bobby Haarms-fanclub’ opgericht. De eerste bijeenkomst vindt deze dag plaats in het Ajax-stadion, maar als men te horen krijgt dat Bobby onwel is geworden, vreest men meteen voor het bestaan van de nieuwe fanclub. Gelukkig is de angst ongegrond; Bobby komt ongedeerd opdagen en de nieuwe fanclub is een feit. Er zouden vele bijeenkomsten van de fanclub zijn en elk seizoen krijgt de ‘beste’ Ajax-speler de Bobby Haarms-trofee uitgereikt. Danny Blind, Jari Litmanen en Sonny Silooy zouden deze bokaal allen uitgereikt krijgen uit handen van Bobby zelf. Aan het einde van de jaren ’90, als Ajax al verhuisd is naar de Amsterdam Arena, wordt deze fanclub opgeheven. 1996 – Stenen uit het Ajax-stadion in de kofferbak Voor Bobby Haarms is het vertrek uit De Meer een pijnlijke ervaring. Niemand anders dan Bobby zag het Ajax-stadion elke dag en voelde zich er wellicht nog meer thuis dan in zijn eigen woonkamer. In de vele reportages over het afscheid van De Meer en het terugkijken op de grote successen in de Watergraafsmeer hebben we Bobby menige traan zien wegpinken. Dat Bobby Haarms als geen ander waarde hecht aan de historie van Ajax en de daarbij behorende nostalgie, blijkt wel uit het feit dat hij enkel stenen van De Meer in de kofferbak van zijn auto legt. Zo houdt Haarms een stukje van het Ajax-stadion dichtbij zich en kan af en toe een Ajax-supporter blij maken met een stukje Ajax-stadion. 2000 – Afscheid De eerste seizoenen in de Amsterdam Arena moeten Ajax en Bobby Haarms erg wennen. Het is duidelijk dat beiden de gezelligheid en de sfeer uit het Ajax-stadion erg missen. Toch blijft Bobby Haarms zich net zo hard inzetten voor het wel en wee van de Ajax-spelers. Morten Olsen, Jan Wouters en Hans Westerhof hebben allen de steun van Bobby erg nodig. Het laatste seizoen van Bobby Haarms als assistent-trainer verloop sportief gezien niet succesvol. Ajax eindigt dat seizoen als vijfde, trainer Jan Wouters wordt ontslagen en het 100-jarig jubileum wordt een fiasco als Ajax op de dag na haar verjaardag in eigen huis verliest van FC Twente (0-1). De laatste wedstrijd met Bobby Haarms op de bank vindt plaats in mei 2000, thuis tegen MVV. De wedstrijd lijkt als een nachtkaars uit te gaan en als een bloedeloze 0-0 te eindigen. Gelukkig voor iedereen die Bobby een warm hart toedraagt, zorgt Christian Chivu kort voor tijd voor de beslissende treffer (1-0). Ajax wint en na het laatste fluitsignaal gaat Bobby Haarms op de schouders, voor de laatste ereronde langs de volle tribunes van de Amsterdam Arena. Wie denkt dat Bobby Haarms nu afstand zal nemen van Ajax en de voetballerij, komt bedrogen uit. Bobby wordt actief betrokken bij de grasmatproblematiek in de Arena, en krijgt de lastige functie om deze situatie te verbeteren. Als een ware vertegenwoordiger grijpt Haarms alle kansen in binnen- en buitenland aan om de mat te verbeteren. En eerlijk gezegd, is hem dat niet eens zo slecht vergaan. Tot en met de laatste jaren van zijn leven was Bob nagenoeg elke dag in of rondom de Amsterdam Arena en De Toekomst terug te vinden. Zoals het een echte Ajacied betaamt, heeft Bobby zijn Ajax nooit kunnen (en willen) loslaten…
In seizoen 1973/1974 is Bobby Haarms de assistent van George Knobel
Hersteltraining van Jan Mulder
Dirk de Groot (rechts) en Bobby Haarms spreken de Ajax-jeugd toe
Op 16 juli 1975 wordt Café Bobby Haarms geopend aan de Utrechtse straat. Bij de opening krijgt Bob een koeienbel om de nek en wordt door Gerrie Mühren, Piet Schrijvers, Til Haarms en Ruud Krol naar binnen geduwd.
Bob en Til Haarms op de dansvloer
Bobby Haarms als begeleider van een seniorenelftal van Ajax
Bobby Haarms rechts van zijn geliefde trainer Tomislav Ivic
Bobby Haarms met de inspectie van het Ajax-stadion
Bobby Haarms ligt op het strand, naast Wim Suurbier
Bobby Haarms met de gewonnen KNVB-beker in zijn eigen café aan de Utrechtse straat
Cor Brom (links) en Bobby Haarms overleggen met de politie bij een oefenduel van Ajax
De Ajax-selectie neemt afscheid vab Simon Tahamata bij Ajax (mei 1980)
Knuffel van Bobby Haarms aan zijn favoriete speler, Simon Tahamata
Simon Tahamata pakt zijn cadeau uit, terwijl Bobby Haarms lachen toekijkt
De F-Side en Bobby Haarms nemen in 1980 afscheid van Ruud Krol bij Ajax
Bobby en Tilly Haarms bij hun café in Amsterdam
In 1982 wordt Bobby Haarms gekroond tot Prins Carnaval
Prins Bobby met vier leden van de Raad van Elf
Wijnfeest met Bob en Tilly Haarms. Johan Cruijff is te gast.
Ajax is kampioen van Nederland, dus alle reden voor een feestje bij café Bobby Haarms
Bobby en friends proosten op het succes van Ajax én het café
Bobby Haarms wordt 50 jaar en krijgt een grote taart. Namens Ajax zijn Dick Schoenaker en Aad de Mos vertegenwoordigd.
Elftal van FC Volendam in seizoen 1984/1985. Onder leiding van Bobby Haarms en Leo Beenhakker zou Volendam toch degraderen.
Bij FC Volendam nemen Leo Beenhakker en Bobby Haarms de financiële zaken door
Als Bobby fluit, ligt het spel altijd stil!
De Bobby's van FC Volendam, met v.l.n.r.: Gert Kruys, Gerrie Muhren, Hans Bloem en Bobby Haarms
Bobby Haarms na zijn terugkeer bij Ajax, druk met de Ajax talentendagen
Bobby Haarms als assistent van Johan Cruijff in het Olympisch Stadion. Verder op de foto: Pim van Dord en Tonnie Bruins Slot.
Bobby Haarms in de schaduw van trainer Johan Cruijff
Bobby Haarms tijdens een Ajax-gala
Het elftal van Ajax in seizoen 1989/1990
Ruud Krol en Bobby Haarms wijzen naar Leo Beenhakker
Bobby Haarms en Leo Beenhakker voorafgaande aan een Europa Cup-wedstrijd van Ajax
Bobby Haarms maakt Louis van Gaal kenbaar hoe hij over Ajax denkt
In april 1993 wordt de Bobby Haarms-fanclub opgericht. Op de foto staan achter Bobby Haarms o.a. Klaas Vos (midden), Rimko Haanstra en Jaap Stobbe (rechts)
Bobby Haarms (uiterst links) voert samen met Seedorf, Alflen, Van der Lem en Louis van Gaal Ajax' landstitel in 1994
Ereronde van kampioen Ajax, met Gerard van der Lem en Bobby Haarms op de schouder
Danny Blind wint in 1994 de Bobby Haarsm-trofee
Bobby Haarms met het Ajax-shirt uit 1994/1995
In seizoen 1994/1995 verricht Bobby Haarms een hersteltraining met Frank Rijkaard
Uitgelaten Ajax-bank tijdens Ajax - Hajduk Split (15 maart 1995), kwartfinale Champions League
Het meest ultieme moment van Bobby Haarms: eindelijk is de Cup met de Grote Oren weer thuis!!!
Bobby Haarms brengt een kwart miljoen Ajacieden op het Museumplein in extase met de Europa Cup 1
Bobby Haarms, gek van de bal
De bekroning voor Ajax en Bobby Haarms; in Tokyo wordt de Wereldbeker voor clubteams verovert
In 1996 weet Sonny Silooy de Bobby Haarms-trofee te veroveren
In 1996 beginnen Gerard van der Lem, Louis van Gaal en Bobby Haarms aan een nieuw avontuur in de Amsterdam Arena
Kort na de sloop van het Ajax-stadion heeft Bobby Haarms enkele bakstenen van het oude stadion in de kofferbak van zijn auto gelegd
Louis van Gaal en Bobby Haarms
Gala Lucky Ajax. Bobby Haarms zit aan tafel bij onder meer Ger van Mourik en Ton Pronk
Spanning vanaf de Ajax-bank bij Louis van Gaal, Gerard van der Lem en Bobby Haarms
Het Gouden Trio van Ajax valt in 1997 uit elkaar
Dani de Cruz Carvalho wordt onderhanden genomen door Bobby Haarms
Ook De Goede Beul is soms bekaf en toe aan verfrissing
Morten Olsen, Heini Otto en Bobby Haarms tijden VfL Bochum - Ajax (2-2), 11 december 1997
In 1998 neemt Bobby Haarms trots de kampioensschaal van Ajax in ontvangst
Bobby Haarms reikt in 1998 de Bobby Haarms-trofee uit aan Jari Litmanen
De broertjes De Boer worden klaargestoomd voor hun rentree in Ajax 1
In maart 1999 wordt Bob alweer 65 jaar; een kopspelletje is het gevolg
Ton Pronk, Gerrie Mühren en Peter Boeve feliciteren de jarige Bobby
Bob krijgt een shirt met zijn leeftijd als rugnummer
Nog even het kopspelletje afmaken
Van Rinus Michels krijgt Bobby een Ajax-klok met per nummer zijn favoriete speler
Innig moment tussen Rinus Michels en Bobby Haarms. Beiden zijn weer samen in de hemel.
Ook Sjaak Swart, Jari Litmanen en Johan Neeskens komen Bobby feliciteren
Heinz Stuy, Johan Neeskens, Bobby Haarms en Rinus Michels: vrienden sinds de jaren '70
Nonchalant loopt Bobby Haarms met de Amstel Cup onder zijn hand door het Feyenoord-stadion, nadat Ajax met 2-0 heeft gewonnen van Fortuna Sittard
Ole Tobiasen wordt onderworpen aan een Bobby-training
Aan het begin van seizoen 1999/2000 maakt Bobby Haarms duidelijk wat hij van de spelers verwacht
Tot de laatste training was Bobby Haarms gedreven en gepassioneerd met zijn vak bezig
Na het ontslag neemt Hans Westerhof in maart 2000 tijdelijk het roer over bij Ajax. Bobby Haarms vraagt of het nog niet te laat is...
Bobby Haarms neemt het applaus van zijn publiek graag in ontvangst tijdens zijn afscheid als assistent- en hersteltrainer bij Ajax (mei 2000)
Bobby Haarms op de schouders; bedankt voor alles Bobby...
Ferdi Vierklau is het laatste slachtoffer van de beroemde (beruchte?) hersteltraining van Bobby Haarms
Bobby en Simon; vrienden voor het leven
Michael van Praag maakt van Bobby Haarms erelid van AFC Ajax
Leo Beenhakker en Bobby Haarms halen herinneringen op aan de goeie ouwe tijd...
Bobby Haarms met het mooie Ajax-shirt dat hij ongetwijfeld zal dragen in de hemel: wit met een knalrode baan... |
|
|
|
|
| <<< Terug naar Speelschema 2009 | |