Tap, Tap, Tap
kom geef die pomp een klap
en laat het bier maar stromen;
Ai, ai, ai
jôh geef die kraan een draai
de glazen zijn weer leeg.
Tappie is de kastelein
van 't plaatselijk café.
En met het vullen van de glazen
telt hij wel voor twee.
Geroutineerd tapt hij wel
twintig pilsjes op een keer
Daar gaat de bel; een rondje van meneer.
Tap, Tap, Tap
kom geef die pomp een klap
en laat het bier maar stromen;
Ai, ai, ai
jôh geef die kraan een draai
de glazen zijn weer leeg.
Bij Tap is het gezellig,
elke avond is het feest.
Je komt er altijd terug,
als je d'r één keer bent geweest
Na enkele minuten
zijn je zorgen aan de kant,
en zing je met z'n allen
hand in hand:
Tap, Tap, Tap
kom geef die pomp een klap
en laat het bier maar stromen;
Ai, ai, ai
jôh geef die kraan een draai
de glazen zijn weer leeg.
Wat later op de avond
zit de stemming er goed in.
En iedere bezoeker
heeft het vrees'lijk naar z'n zin
Tap z'n vrouw komt binnen
met een schaal vol kaas en worst.
En Tap die roept:
'Wie heeft er hier nog dorst?'
Tap, Tap, Tap
kom geef die pomp een klap
en laat het bier maar stromen;
Ai, ai, ai
jôh geef die kraan een draai
de glazen zijn weer leeg.
Tap, Tap, Tap
kom geef die pomp een klap
en laat het bier maar stromen;
Ai, ai, ai
jôh geef die kraan een draai
de glazen zijn weer leeg.
|