Jongen, waarom ben je toen uit Mokum weggegaan,
dat kan ik nog steeds niet begrijpen.
Je hebt mij onbewust zoveel leed aangedaan,
ik kan je nu niet meer bereiken.
Je schrijft dat er daar veel meer toekomst voor je is,
maar weet je dan niet hoe of ik je mis.
Jongen, waarom ben je toen uit Mokum weggegaan,
ik kan er niet mee leren leven.
Ik hoop dat je eenmaal hier weer voor me zal staan,
ja, dat ik het nog mag beleven.
Jij bent in dat verre vreemde land getrouwd,
en hebt daar een heel nieuw leven opgebouwd.
Jij bent daar gelukkig,
maar ik heb verdriet.
Ach maar lieve jongen,
vergeet mij toch niet.
Je weet hoe ik naar je verlang,
en hoe ik nog steeds aan je hang.
Jongen, waarom ben je toen uit Mokum weggegaan,
dat kan ik nog steeds niet begrijpen.
Je hebt mij onbewust zoveel leed aangedaan,
ik kan je nu niet meer bereiken.
Je schrijft dat er daar veel meer toekomst voor je is,
maar weet je dan niet hoe of ik je mis.
Jongen, waarom ben je toen uit Mokum weggegaan,
ik kan er niet mee leren leven.
Ik hoop dat je eenmaal hier weer voor me zal staan,
ja, dat ik het nog mag beleven.
Ik lees elke dag weer die brieven van jou,
want jij bent de enige waar ik van hou.
Je schrijft dat je eenmaal weer terugkomen kan,
maar lieveling, ik vraag je; wacht niet te lang.
Er gaat niets zo snel als de tijd,
m'n jongen waarom ben ik je kwijt.
Jongen, waarom ben je toen uit Mokum weggegaan,
dat kan ik nog steeds niet begrijpen.
Je hebt mij onbewust zoveel leed aangedaan,
ik kan je nu niet meer bereiken.
Je schrijft dat er daar veel meer toekomst voor je is,
maar weet je dan niet hoe of ik je mis.
Jongen, waarom ben je toen uit Mokum weggegaan,
ik kan er niet mee leren leven.
Ik hoop dat je eenmaal hier weer voor me zal staan,
ja, dat ik het nog mag beleven. |